Vanaf 1 mei 2008 is iedere Vereniging van Eigenaren wettelijk verplicht een reservefonds te hebben voor (groot) onderhoud aan het gemeenschappelijke pand (dak, fundering, gevel, gezamenlijke installaties). In totaal zijn er in Nederland ruim 500.000 koopappartementen. Uit onderzoek blijkt dat 20 % van de eigenaren van een appartement te maken heeft met een niet-actieve Vereniging van Eigenaren (zgn. 'slapende' vereniging). Dat betekent geen jaarlijkse vergadering en geen periodieke geldbijdrage voor het reservefonds. Door het hebben van een reservefonds kan bijvoorbeeld een lekkend dak direct gemaakt worden en zijn eigenaren niet afhankelijk van de financiële situatie van één van de bewoners.

Hoeveel geld er in het fonds moet zitten, kunnen eigenaren berekenen op basis van een meerjarenonderhoudsplan en de interactieve VvE-onderhoudsmeter. 
Een eigenaar van een appartement, flat, etage- of portiekwoning is automatisch lid van de Vereniging van Eigenaren. Deze is verantwoordelijk voor het onderhoud en beheer van de gemeenschappelijke bouwdelen. Hoeveel geld voor het reservefonds gewenst is, hangt af van welk onderhoud nodig is en hoeveel dat gaat kosten. Verenigingen van Eigenaren kunnen een meerjarenonderhoudsplan (laten) opstellen.

Voor een eerste indicatie is er de speciale VvE-onderhoudsmeter (via www.vrom.nl). Op basis van het woningtype, de bouwperiode, het woonoppervlak en de staat van onderhoud berekent dit hulpmiddel wat er in moet zitten en wat de jaarlijkse bijdrage is.