Voor toepassing van het tarief overdrachtsbelasting is bepalend of het overgedragen registergoed een woning is of niet. Is het een woning, dan geldt het 2%-tarief, in alle andere gevallen betaalt u 6%. Omdat er steeds onenigheid was over waar nu precies de grens ligt, heeft de Hoge Raad begin dit jaar aan alle onduidelijkheid een einde gemaakt.

Een registergoed ofwel onroerende zaak is volgens de Hoge Raad een woning als die is ontworpen en gebouwd met als doel bewoning. Ook een pand dat na verbouwing om er iets anders mee te doen dan bewonen, nadien weer eenvoudig voor bewoning geschikt kan worden gemaakt, is voor de overdrachtsbelasting een woning. De Hoge Raad kwam tot dit oordeel na bestudering van gevallen waarin een woning tot tandartsenpraktijk was omgebouwd, een stadsvilla die als kantoorruimte werd gebruikt en een woonboerderij die tot kantoor was verbouwd. In al deze gevallen was het vrij eenvoudig om deze weer voor bewoning geschikt te maken. Het 2% tarief geldt ook voor de bij de woningen behorende ondergrond, tuin, garages, schuren, serres en andere aan- en uitbouwen. Zelfs als de garage later wordt gekocht, geldt het 2%-tarief.

Anders was het bij een onroerende zaak met woonbestemming die in gebruik was als hospice. Het pand had volgens de Hoge Raad de kenmerken en de aard om een verzorgingsinstelling te zijn. Daarmee is er geen sprake van een woning.

Wilt u meer weten over toepassing van het tarief overdrachtsbelasting in uw situatie? Bel ons voor het maken van een afspraak.

Bron: TaxLive 14/4/17 - Fiscaal Juridisch Adviesbureau Nationale Nederlanden.